Afdankertjes en verloren spulletjes van (turf)schippers 
weer boven water bij Zevenhuizen

In de directe omgeving van het dorp Zevenhuizen zijn de afgelopen 25 jaar op meerdere plaatsen diverse bodemvondsten gedaan. Veel materiaal is gevonden bij het uitbaggeren van de Hennipsloot,  een hoofdwatergang die loopt vanuit het dorp Zevenhuizen naar de Rottemeren. Een paar eeuwenlang  lagen er langs de Hennipsloot laad- en loswallen, waar schepen tijdelijk lagen, die turf kwamen halen uit het grootschalige verveninggebied. In deze vertelling wordt een klein deel van de vondsten beschreven die zijn gedaan tijdens het doorspitten van de opgebaggerde slootbagger. 

Een groot deel van het poldergebied tussen Rotterdam en Gouda is in de loop der eeuwen verveend voor de winning van turf. Met als gevolg dat daar nu de laagste delen van Nederland liggen gerekend vanuit N.A.P. hoogte. Vrijwel alle polders zijn in de loop der eeuwen na het vervenen drooggemalen en omgezet naar droogmakerijen voor akkerbouw en veeteelt. Het vervenen werd allereerst uitgevoerd als een droge vervening. Alleen de bovenste laag van het (voedselarme) veenpakket werd afgegraven. Door de uitvinding van baggernet en beugel kon men vanaf het einde van de 16e eeuw ook vervenen via het zogeheten slagturven. Men kon het veen nu opbaggeren via de baggerbeugel waar een lange stok aan vastzat, en men kon dat doen door het veen tot wel 3 meter onder de waterspiegel weg te beugelen.



Twee kaartjes met de situatie van rond 1733 met het verveende gebied ten westen van Gouda. 



Het geeft een goed beeld van  de door vervening ontstane waterpartijen.

Na het vervenen bleven er grote gebieden over die louter bestonden uit water. Bij het vervenen was het voorschrift dat men brede veenribben ongemoeid moest laten om daarmee te voorkomen dat door storminvloeden de oppervlakte water zou vergroten als gevolg van afslag. Dat voorschrift werd echter niet erg nageleefd dus trad er geregeld afslag op die soms zo erg was dat zelfs dorpen werden bedreigd in het water te verdwijnen. Het dorp Zevenhuizen lag ook min of meer tussen grote waterpartijen. Rond 1500 was Zevenhuizen niet zo klein als de naam doet vermoeden. In 1514 telde het dorp 88 'haertsteden' (vuurplaatsen in huizen). De bewoners hielden zich voornamelijk bezig met turf delven.

Zevenhuizen staat bekend als een gebied waar veel stadsafval is gestort. Stadsafval werd door turfschippers meegenomen als retourlading naar de gebieden waar men turf ging halen. In en rond Zevenhuizen is veel stadsafval terechtgekomen, dat blijkt wel uit de (diverse) stortplaatsen die er zijn gevonden. Stortmateriaal uit o.a. Gouda, maar ook uit Rotterdam. Dat kon goed worden herleid uit materiaal wat is gevonden op verschillende locaties bij Zevenhuizen.



17e/18e eeuwse koperen rekenpenning

diameter: 18 mm

bodemvondst: Zevenhuizen

Een plaats waar veel afval gestort bleek te zijn betreft een voormalige laad- en losplaats bij de hennipsloot. De Hennipsloot  is een brede hoofdwatergang tussen de Rottemeren en het boezemwater wat naast de Swaniaweg loopt van Zuid naar noord.  Bij het uitbaggeren van die voormalige laad- en losplaats kwamen werkelijk ongelooflijke hoeveelheden stortmateriaal te voorschijn,  in leeftijd variërend van omstreeks het midden van de 16e eeuw tot aan het begin van de 20e eeuw.  Aangenomen mag worden dat veel van het materiaal dat gevonden is door schippers over boord is gegooid als afval.  Aardewerk, glaswerk, been, ivoor, koperwerk, ijzerwerk, munten, te veel om op te noemen werd er aangetroffen. Onder het materiaal ook  17e en 18e eeuwse pijpenkoppen, in grote hoeveelheden, vooral Goudse pijpen maar verhoudingsgewijs ook veel kleipijpen vervaardigd in  Schoonhoven en Gorkum.



17e/18e eeuwse koperen rekenpenning
diameter: 18 mm
bodemvondst: Zevenhuizen

16e eeuwse zilveren munt uit de 80-jarige oorlog tussen De Nederlanden en  Spanje.

Bodemvondst: Zevenhuizen



pijpenkop-janvanarkelschipanker-18e-verkleind.JPG (16859 bytes)     pijpenkop-janvanarkelschipanker-18e1-verkleind.JPG (13686 bytes) 
Pijpenkop met een zeilschip aan de ene kant en een dubbel anker aan de andere zijde
Maker: Jan van Aten, Gorkumse pijpmaker 
(1743-1790)



Beeldje van pijpaarde 17e eeuw met de voorstelling van een vogel


Oranjepijp 18e eeuw met de tekst "Ik waak voor de jonge prins"



Onder aan de pijpenkop staat ook Vivat Oranie
Hielmerk: gekroonde D
De pijpenkop is mooi gepatineerd als gevolg van bodemprocessen, waardoor de pijp een bruine kleur heeft gekregen




Drie verschillende, maar erg op elkaar lijkende 18e eeuwse pijpenkoppen met het initiaal GVD

Het betreft productie van Gerrit van Duuren, pijpmaker te Schoonhoven

startpagina

vertellingen kleipijpen fotoboek kleipijpen vertellingen antieke tegels fotoboek antieke tegels auteur